| AIFW: bruggenbouwer tussen creativiteit en commercie |
|
| maandag 01 augustus 2005 | |
|
Amsterdam International Fashion Week (AIFW) ontwikkelt zich gestaag tot een volwaardig punt op de internationale modeagenda. Bij de derde editie die afgelopen weekend plaatsvond bleek bovendien dat het evenement een brug slaat tussen jong ontwerptalent en gevestigde modebedrijven. En dat was in Nederland hard nodig. Je kunt als beginnend modeontwerper over nog zoveel talent beschikken, voor wie zich zelfstandig vestigt blijft het vaak moeilijk om de eindjes aan elkaar te knopen. Zelfs wanneer je enigszins naam hebt gemaakt en jouw kleding door grote damesmodebladen wordt gefotografeerd, verdien je meestal niet genoeg om een volgende collectie te financieren. Geld verdienen doet men tegenwoordig vooral met prêt-à-porter. Het is echter een lange weg van handgemaakte couture naar gefabriceerde confectie en die kan eigenlijk niet op eigen houtje worden afgelegd. Bij jonge ontwerpers ontbreekt het niet alleen aan geld maar ook aan kennis van hoe een eigen onderneming te beginnen. Zij weten vaak niet goed waar een collectie kan worden geproduceerd en hoe zij de distributie kunnen opstarten. Gevestigde bedrijven uit de branche zouden hier de helpende hand kunnen bieden, maar dit gebeurde slechts sporadisch. AIFW blijkt dergelijke coöperaties nu toch in de hand te werken. Daarmee is de modeweek (die slechts vier dagen duurde, maar bij de volgende editie daadwerkelijk tot zeven dagen wordt verlengd) in korte tijd veel meer geworden dan het 'opleukertje' bij de modevakbeurs District waar het precies één jaar geleden mee begonnen is. Amsterdam Fashion Week is uitgegroeid tot een serieuze toevoeging op de internationale modekalender, waar bovendien serieus zaken wordt gedaan. Monique van Heist, die zondag haar tweede soloshow gaf, heeft haar collecties inmiddels in productie kunnen nemen. Eerst verkocht Van Heist alleen via haar website, maar vanaf deze maand is haar najaarscollectie in een aantal winkels in Nederland verkrijgbaar en krijgt zij zelfs een verkooppunt in Japan. Glamourontwerper Percy Irausquin werd tijdens de januari-editie gespot door AIFW-initiator Steve te Pas en lanceerde dit weekend met diens hulp zijn eerste prêt-à-portercollectie voor zomer 2006 die vanaf vandaag wordt verkocht. Katrin Neyer presenteerde zaterdag haar eerste eigen show. Ook zij hoopt dat de presentatie tot nieuwe kansen zal leiden en dat zij - nu na vier jaar - geen andere baantjes meer hoeft te nemen om de huur te betalen. Een stap is in ieder geval gezet: dit najaar is Neyers collectie te krijgen in de winkel van Margriet Nannings in Amsterdam. Jan Taminiau vindt de Fashion Week om meerdere redenen zakelijk nuttig. Zo praat hij er met buitenlandse bladen als de Italiaanse Vogue. De vorige editie heeft voor hem al positief uitgepakt: het leverde Taminiau zoveel exposure op dat hij nu fulltime couture kan maken en ontwerpt vanuit zijn atelier in Tilburg. Deze ontwikkeling sluit naadloos aan bij het thema dat deze editie aan de 'New Luxery' vakbeurs District meegegeven werd. Met als motto 'It's fun to do business' concentreerde de beursorganisatie zich er vooral op het zaken doen aangenamer en gemakkelijker te maken. Zodoende was er een officiële business lounge met draadloos internet, stond bezoekers een conciërge en exposanten eigen hostesses ter beschikking en kon men zich kosteloos door de stad laten chaufferen. Het New Luxery-segment waar District zich mee profileert - de niche tussen 'designer' en 'mainstream'collecties - is aan de andere kant ook een segment waar jonge ontwerpers zich mee kunnen identificeren. Het is nieuw, het is luxueus en gemaakt met veel oog voor detail. Het betreft confectie - vooral jeans- en sportwear - van zeer hoge kwaliteit. De prijzen zijn navenant. De stap naar 'designer' is dan snel gemaakt. Kijk naar Irausquin: in diens eerste prêt-à-portercollectie zijn behalve de voor hem zo kenmerkende kleurrijke zijden blouses en jurkjes met strikken en linten ook spijkerbroeken opgenomen. Met gouden knopen, dat wel. |


