| Amsterdam: modestad |
|
| dinsdag 01 maart 2005 | |
|
In het rijtje modesteden - Milaan, Parijs, New York - wordt Amsterdam zelden genoemd. Frits Huffnagel wil dat daar verandering in komt. Niet dat de VVD-wethouder van Economische Zaken zelf veel met mode op heeft, maar een initiatief zoals de Amsterdam International Fashion Week (AIFW) kan wel op zijn steun rekenen. Dit evenement sluit namelijk aan bij de lopende marketingcampagne van de stad. De reden is misschien niet hip of modisch, maar wel goed voor Amsterdam en de organisatie van de modeweek vaart daar wel bij.
"Ik ben geen enorme modefreak," zegt Frits Huffnagel, als FashionUnited hem, daags na de tweede editie van de Amsterdamse modeweek vraagt of hij zelf 'iets' met mode heeft. Maar de wethouder heeft wel genoten van de modeshows van studenten van het Fashion Institute Arnhem en die van ontwerper Percy Irausquin welke hij tijdens de AIFW heeft bezocht. "Het is toch heel knap dat mensen zulke creatieve ontwerpen kunnen bedenken en het dan ook nog zelf maken," zegt hij. Ondersteuning van de modeweek was dan ook geen privé initiatief. Frits Huffnagel vindt dat het evenement goed past binnen het marketingbeleid van de stad. Een beleid waarvan hij een groot pleitbezorger is. Promotie van de hoofdstad gebeurt onder de vlag van 'I amsterdam'. Een marketingproject dat in september 2004 is gelanceerd en gezamenlijk wordt uitgevoerd door vertegenwoordigers van de stad, regio-gemeenten en het bedrijfsleven. Samen vormen zij Amsterdam Partners. Huffnagel is trots op het project en zit zelf in het bestuur ervan. In december zei hij in een interview daarover: "We gaan het (marketingproject, red.) helemaal uitbouwen, het is een project voor jaren. 'I love New York' draait al dertig jaar, 'I amsterdam' moet zeker tien jaar meegaan. Het is een mooi project dat nog veel kansen biedt." Bij de promotiecampagne van Amsterdam gaat het er primair om buitenlandse bedrijven en toeristen naar de stad te trekken. Het is de bedoeling dat toeristen - wanneer zij thuis hun vakantie plannen - direct aan Amsterdam denken. En ook bedrijven moeten weten wat de stad allemaal te bieden heeft. De campagne is rond drie thema's opgebouwd, namelijk creativiteit, innovatie en handelsgeest. Deze thema's worden als de kernwaarden van de stad gezien en daarmee moet Amsterdam voor het voetlicht treden. "Dit is een creatieve stad. Amsterdam trekt creatieve mensen en daarom vestigen creatieve bedrijven - in media, reclame, mode, enzovoorts - zich hier." Huffnagel haalt de theorie aan van de Amerikaanse socioloog Richard Florida en zegt: "De zogenaamde 'creatieve klasse' gaat daar wonen waar het cultuuraanbod groot is en het uitgaansleven gevarieerd. Daarna beslist die groep pas waar zij gaat werken. Creatieve bedrijven doen er dus goed aan, zich daar te vestigen waar hun mensen al wonen. En dat doen die bedrijven ook." Hij spreekt tegen dat de hoofdstad niet meer aantrekkelijk zou zijn voor creatieven, omdat de commercie alles wat hip is heeft ingelijfd, en dat die creatieve mensen de stad zelfs zouden verlaten. "Dat is niet waar!" zegt hij. Dat probleem heeft Amsterdam een paar jaar gehad, maar daar zijn we nu vanaf. Het gaat heel goed met Amsterdam. Kijk maar naar alle bedrijven die hier juist naar toe komen."De wethouder refereert aan ontwikkelingen in Amsterdam Noord waar zich verschillende media-, film- en modebedrijven hebben gevestigd. Maar ook elders in de stad van de Oostelijke Handelskade tot Oud Zuid. "De gemeente wil deze ontwikkeling stimuleren en doet dat - bijvoorbeeld - door evenementen te ondersteunen die aantrekkelijk zijn voor creatieve mensen. Een evenement zoals de Amsterdamse modeweek past dus goed binnen dat beleid. "Weet je wat ik het mooie vind van de organisatie van AIFW? Zij probeert niets te kopiëren. Deze modeweek gaat niet de concurrentie aan met Parijs of met Milaan - en zou dat ook niet kunnen. Het aardige van Amsterdam is dat hier de aandacht uitgaat naar jonge en talentvolle ontwerpers. En niet naar gevestigde modehuizen zoals dat in andere modesteden gebeurt." Bovendien sluit de Amsterdam International Fashion Week naadloos aan bij de drie thema's waar de citypromotie op steunt. "Mode is natuurlijk bij uitstek creatief," aldus Huffnagel. "En omdat mode altijd in beweging is en steeds verandert, is het ook innovatief." Het derde thema - handelsgeest - ziet men terug in de modevakbeurs District, die gelijktijdig wordt georganiseerd. "En daarom," zegt de wethouder, "past deze activiteit heel goed binnen ons citymarketing-beleid."Waarom dan niet ook de modevakbeurs Modefabriek financieel gesteund? "Daar heb ik nooit een aanvraag voor gekregen," klinkt het pragmatisch. "Maar ik heb ook begrepen dat het evenement al negen jaar zelfstandig draait dus dan zou er voor de gemeente ook geen reden zijn om er nu nog geld in te stoppen." De gemeente Amsterdam steunt projecten wanneer ze nieuw zijn en een duwtje in de rug nodig hebben. Voor AIFW was dat in eerste instantie een duwtje van 200.000 euro, bij de eerste editie. Aan deze tweede editie heeft de gemeente 100.000 euro bijgedragen. Belangrijkste voorwaarde is dat het evenement onder de I amsterdam-vlag vaart en het campagnelogo was dan ook overal terug te zien. De volgende (derde) editie, die eind juli plaatsvindt, zal waarschijnlijk geen financiële steun meer van de gemeente krijgen, "De overheid trekt zich rustig aan terug. Zo'n activiteit moet op een goed moment op zichzelf kunnen staan." Op de vraag wat Huffnagel van de toekomst van Amsterdam als modestad verwacht, spreekt hij de hoop uit dat dit project wordt voortgezet en verder uitgebreid. "Amsterdam moet een echte modestad worden en dat is bereikt wanneer de smaakmakers in de modewereld deze stad serieus nemen en opnemen in het rijtje van bekende internationale modesteden. Op welke manier lokale ondernemers en de hoofdstedelijke detailhandel hierin zouden kunnen bijdragen, weet hij niet. "Deze keer merkte je er in de stad nog vrij weinig van. Er waren geen speciale etalages ingericht ofzo en ik betwijfel ook of dat in andere steden wel gebeurt. Amsterdam is in Nederland nog steeds winkelstad nummer één en de meeste bezoekers van de stad komen hier om te winkelen. Echter, het winkelaanbod verschraalt. In Nederland gaan de binnensteden steeds meer op elkaar lijken. Als Amsterdam de belangrijkste winkelstad wil blijven moet er dus variatie en diversiteit zijn. Ik denk dat een evenement als AIFW nadrukkelijker in de stad zou kunnen worden gepromoot. Het kan de stad verder verlevendigen." De wethouder verwacht dat dit bij de volgende editie vanzelf zal gebeuren. "Het is nu al twee keer een succes gebleken en aan succes wil iedereen meedoen."
Esmerij van Loon
|


