| Bas Kosters: "Voor honderd procent groen produceren, lukt voorlopig nog niet" |
|
| maandag 30 april 2007 | |
|
Met zijn studio wil Bas Kosters een bijdrage leveren aan de modewereld. Maar daarbij vergeet hij niet om ook om zich heen te kijken. Groen ondernemen is een punt dat de jonge ondernemer haast als iets vanzelfsprekends beschouwt: "Mode is erop gericht om mensen mooier te maken, maar gek genoeg wordt er te weinig over nagedacht of dat de wereld nou ook mooier maakt," aldus Kosters.
De ontwerpen van Bas Kosters (29) zijn eigenlijk gerecyclede jeugdherinneringen. De poppen uit zijn kinderkamer duiken weer op als grote figuren in stof en ook de felgekleurde prints zijn hergebruikte belevenissen. Niet alleen oude ervaringen krijgen een nieuw leven van de jonge modeontwerper; hij sympathiseert ook met oude spullen. In zijn collecties duiken dan ook vaak oude materialen op, zoals recentelijk tweedehands lakens en de gerafelde stof van oude Heinekenparasols. Zijn huis en zijn studio zijn een verzamelplaats van dingen die aan een tweede leven toe zijn. "Het is toch zonde dat er dingen worden weggegooid terwijl ze nog bruikbaar zijn?" is de retorische vraag waarmee Kosters zijn recycle-liefde verklaart. "Door iets weg te gooien geef je een voorwerp geen kans meer, terwijl het juist leuk is om oude dingen weer deel uit te laten maken van iets nieuws. Ik heb heel veel oude spullen. Kleren, meubels en servies. En als ik ergens zelf niets meer in zie, geef ik het liever door aan iemand anders dan dat ik het weg gooi." Die romantische liefde voor vervlogen tijden komt misschien voort uit de gedachte dat de wereld vroeger mooier was: "Althans zo lijkt het in films en op foto's," relativeert hij snel. "Het leven was toen in elk geval rustiger en het gras in de bergen was nog fris en groen. Daarmee vergeleken is de wereld waarin we nu leven best heftig. Als je om je heen kijkt, zie je veel vervuiling, leed, oorlog. Ik weet wel dat er vroeger ook genoeg ellende was en dat er nu nog steeds mooie plekken op de aarde bestaan, maar zo beleef ik dat niet. Ik sta niet constant overal open voor, omdat ik ook gewoon bezig ben met mijn dagelijks leven. Je beleeft de wereld waar je in zit."
Spraakmakende show Hoe ziet die wereld waarin Bas Kosters nu leeft er eigenlijk uit? De 29-jarige ontwerper studeerde in 2003 af aan het Fashion Institute Arnhem en won dat jaar de Robijn Fashion Award. Sindsdien geldt de ontwerper als dé belofte voor de modebranche. Bas Kosters valt op. Zowel in zijn verschijning als in de kleding die hij ontwerpt. Zijn gezicht met meerdere piercings, zijn korte haar dat in een extreme kleur is geverfd; het zijn net zo goed statements als de kleurrijke collecties die hij produceert. "Kleding gaat om persoonlijkheid; dat het laat zien wie je bent," zegt hij met zijn zachte stem. "Mensen zijn zich niet genoeg bewust van hun eigen individualiteit. Er is te weinig oog voor verschillen onder mensen." In zijn werk probeert hij zijn visies te verspreiden. Vanuit zijn huis, in Amsterdam West, trekt hij daarvoor dagelijks naar zijn studio op de dertiende verdieping van het World Fashion Centre, die hij runt met een drietal stagiaires. Elk jaar komt er een collectie uit en elk jaar organiseert hij een performance waarvoor van alles -van de catering en de modellen tot de communicatie met medewerkers en sponsoren- geregeld moet worden. De laatste show die hij gaf, vond op 22 maart plaats in de kelder van het World Fashion Centre. Met jurken van beschilderde tweedehands lakens en modellen met heup- of dijvullingen om hun lijven meer volume te geven, wijde petticoats, leggings en capes, wilde Kosters protesteren tegen het schoonheidsideaal zoals dat op de rode lopers wordt getoond: "Het ideaalbeeld dat ons wordt voorgehouden, is onhaalbaar. Niemand ziet er zo uit als de Hollywoodsterren met hun gebleekte tanden, opgepoetste huiden en verbouwde lichamen. Dat is gekmakend. Door zich aan te passen aan zo'n onhaalbaar ideaal gaan mensen voorbij aan hun eigen persoonlijkheid. Dat mensen tegenwoordig bijzonder onverdraagzaam zijn tegenover personen die zich daar niet aan comformeren, vind ik heel erg. Soms denk ik zelfs: 'Misschien moet ik me maar aanpassen om gespaard te worden voor kortzichtigheid'. Maar gelukkig slaag ik er tot nu toe in om die gedachte gauw weer los te laten." De spraakmakende show werd goed ontvangen. Het Parool stelde vast dat Kosters met zijn eigenzinnige collectie de verwachting waarmaakte die hij had opgeroepen met zijn afstudeercollectie en de Volkskrant oordeelde tevreden dat Kosters zich voor het eerst echt verdiept in vormen van de kleren zelf, in plaats van vooral de decoratie daarvan.
Professionaliseringsslag Kosters zelf denkt ook dat er dit jaar een omslagpunt is in zijn werk. Dit jaar ambieert hij zijn bedrijf te laten groeien. "Ik bevind me midden in een professionaliseringsslag," zegt de ontwerper. "Vorig jaar besefte ik dat het om te groeien noodzakelijk is om dingen gestructureerder aan te pakken. Ik ben steeds bezig mijn kennis en vaardigheden uit te breiden. Drie jaar geleden had ik bijvoorbeeld nog nooit iets gedaan op een computer. Nu doe ik mijn eigen belastingaangifte en kan ik werken met programma's als photoshop en powerpoint." Met het businessplan dat hij schrijft, wil Kosters de verbinding tussen het merk en de maatschappij aansterken. "Bijvoorbeeld met een merchandise-achtige lijn. De exclusieve couturelijn blijft bestaan en aanvullend maak ik stukken die iets toegankelijker zijn." Mens- en milieuvriendelijke productie wordt een van de pijlers van het bedrijf. "Het is kortzichtig om alleen maar dingen te doen die met mode te maken hebben," vindt Kosters. "Mode is erop gericht om mensen mooier te maken, maar gek genoeg wordt er nauwelijks over nagedacht of dat de wereld nou ook mooier maakt." Hij blijft wel realistisch. "In principe ben ik perfectionistisch, maar aan alles zitten grenzen. Voor honderd procent groen produceren, dat lukt voorlopig niet. Er zitten veel kanten aan het groene ondernemerschap en het is vaak lastig om de waarheid te achterhalen over de manier waarop stoffen geproduceerd zijn. Een praktischer probleem is dat biologisch geproduceerd katoen bijvoorbeeld stukken duurder is dan gewoon katoen, dat is voor mij niet haalbaar. Ik hou het voorlopig dus bij gerecyclede stoffen. Maar ik zal ook synthetische materialen moeten blijven gebruiken om de eenvoudige reden dat niet alles biologisch te produceren valt. De textiel die ik gebruik, mag geen afbreuk doen aan het esthetische beeld dat ik wil laten zien. Het is een verkenningstocht, het wordt even puzzelen." Over waar dat allemaal toe moet leiden, heeft Kosters een duidelijke visie: "Mijn ideaal is een heel erg groot huis. Zeg maar een villa kakelbont, het huis van Pippi Langkous, maar dan zeven daarvan op elkaar gestapeld. Daarin zou ik genoeg ruimte hebben om allemaal mooie spullen in te bewaren en ook nog mijn vrienden te ontvangen."
|

