tmu skyscrapert

Kansen voor 'Man' E-mail
maandag 30 juni 2008

De zomereditie van de Antwerpse modebeurs Man Fashion Fair is afgelast, maar dat hoeft niet het einde te betekenen van het evenement. Dat wil zeggen, als de organisatoren op een goede manier inspelen op veranderingen in de markt.

 

 

 

 

 

"Alles stroomt en niets blijft hetzelfde." De beroemde theorie van verandering van de Griekse filosoof Heraclitus is eeuwen na zijn dood nog steeds van toepassing, ook op de modebranche. Neem alleen al de vakbeurzen. In voorgaande jaren verschenen en verdwenen succesrijke en minder goed lopende beurzen van het toneel. Bezoekersaantallen slonken tot minimale proporties of zwollen juist aan tot ongekende hoeveelheid. En ook dit jaar is het beurslandschap weer behoorlijk in beweging.

Het meest in het oog springende voorbeeld van die beweging is de Belgische herenmodebeurs Man Fashion Fair in Antwerpen, die stamt uit 2006. Vorig jaar verhuisde de beurs en werd hij uitgebreid met een vrouwensectie, daarmee ruimte scheppend voor een veelbelovende toekomst, maar voor komende zomer wordt hij alweer afgelast. De organisatie beloofde dat de beurs hiermee niet ten einde was gekomen en dat 'Man' volgend jaar januari weer terugkeert met een wintereditie, waarbij de focus weer geheel op mannenmode komt te liggen.

Hoewel dat lijkt op een laatste noodgreep, hoeft het dat niet per definitie te zijn. De organisatoren wijten het afblazen van de beurs aan het ontbreken van een geschikte datum en uit navraag onder retailers blijkt dat de ruimte voor een dergelijke beurs er wel degelijk is. Ondernemers in het herenmodesegment klagen al jaren over het ontbreken van een goede beurs in hun segment, ter aanvulling van de meest populaire beurs op het gebied van herenmode; de Pitti Uomo. Uit het jongste jaarlijkse onderzoek naar beursbestedingen in Nederland, dat in opdracht van het CLC werd uitgevoerd door ReSpons Evenementen Monitor, blijkt bovendien dat kleine nichebeurzen in opkomst zijn.

 

Kansen

Tegelijkertijd hebben grote beurzen zoals Bread & Butter Barcelona en de Modefabriek bewezen dat het heel goed mogelijk is om in deze tijd van een beurs een mega-evenement te maken. De beursorganisatoren staan hiermee alleen voor een ander soort uitdaging, stelt Max Dekker, onderzoeker bij onderzoeksbureau GfK: "Detaillisten, inkopers en andere professionals in de modebranche hebben dankzij bijvoorbeeld de komst van internet meer mogelijkheden gekregen om zich te informeren. Daardoor is het logisch dat de positie van reguliere modevakbeurs onder druk staat," legt Dekker uit. "Het tonen van het modebeeld was vroeger het hoofddoel van modebeurzen. Nu is er meer voor nodig om bezoekers te trekken."

De uitdaging waarvoor organisatoren zich dus geplaatst zien, is potentiële bezoekers te overtuigen van het nut van hun evenement. Slagen ze, dan nemen bezoekersaantallen in rap tempo toe. Falen ze, dan stokt de groei, of in het ergste geval: dan daalt het aantal geïnteresseerden.

Kansen zijn er nog altijd. Voor bedrijven is een vakbeurs nog altijd de ultieme manier om met klanten in contact te komen. En ook voor retailers kan een vakbeurs nog iets toevoegen, denkt Dekker: "Bijna alle merken bewegen. Een merk dat een retailer jarenlang met succes verkocht heeft, maar dat even was weggezakt, kan een comeback maken. De beurs is nog steeds een goede plek om dat soort veranderingen op te merken."

Voorwaarde om deze mogelijkheid te kunnen bieden, is echter wel een groot en internationaal georiënteerd merkenaanbod, zo zegt hij: "Daarmee kun je je als beurs op de kaart zetten. Het aanbod moet compleet en verrassend zijn. Dus niet alleen maar grote namen, en ook niet alleen maar nieuwe merkjes. Anders heeft het voor inkopers niet veel zin om zo'n beurs te bezoeken."

 

Internationale allure

Het kan nog lastig zijn voor 'Man' om de beurs een internationaal karakter te geven. Zeker sinds er afgelopen winter een concurrent opdook in de vorm van de nieuw opgerichte mannenmodebeurs Stark in Berlijn. De oprichter daarvan, Nobert Klauser is agent van onder andere de merken Margiela en Yohji Yamamoto. Klauser heeft grote ambities, zo wil hij zoveel mogelijk merken die ook op de Pitti Uomo staan naar Berlijn halen. Deze beurs wist wél een zomereditie tot stand te brengen, met tussen de tachtig en honderdtien standhouders. Bovendien is de lokatie imposant; het oude gebouw Humboldt in het stadsdeel Prenzlauer Berg. En behalve mode is er ook aandacht voor andere culturele uitingen. Met deze werkwijze wist de beurs reeds de interesse te wekken van meerdere internationale merken.

De organisatie van Man Fashion Fair laat zich echter niet kennen en concentreert zich voorlopig vol goede moed op de eerstvolgende beurs; de wintereditie in januari. En hoewel de medewerkers nog niets willen zeggen over welke stappen daarop zullen volgen; wellicht vindt er in 2009 ook wel weer een zomereditie plaats.

De kans dat de beurs voor die tijd al is veranderd in de internationale publiekstrekker waar retailers en modemerken zo naar verlangen, is echter klein. De vraag is of dat erg is. Zo beweerde dezelfde Heraclitus als die de veranderingstheorie bedacht ook ooit: "Het is niet goed voor de mens om alles te verwerven wat hij verlangt." Als alle wensen steeds in vervulling zouden gaan, zo redeneerde hij, dan zouden mensen hun ambities maar verliezen


 
in