| Modefabriek ontwikkelt zich verder |
|
| dinsdag 31 juli 2007 | |
|
Wat modevakbeurzen betreft is de Modefabriek de onbetwiste nummer één. In Nederland tenminste. In totaal bezochten 13.000 mensen de 23e editie van de modebeurs. Daarvan was 83 procent afkomstig uit Nederland. "De Nederlandse modebranche kan niet meer om de Modefabriek heen," zegt Annelies Tjassens van de Modefabriek. Het bezoekersaantal was een groei ten opzichte van de zomereditie van vorig jaar en een lichte daling ten opzichte van de afgelopen wintereditie. Dit ligt in de lijn der verwachting; De afgelopen twee jaar maakte de grootste vakbeurs van Nederland een enorme ontwikkeling door. De 23e editie van de Modefabriek was wederom groter en uitgebreider dan de voorgaande edities. In totaal waren er 500 labels te zien, voorgaande editie waren dat er nog 425. Daarnaast werden op de catwalk zes shows gegeven, door onder meer Turnover, Odd Molly en Bray Steve Alan. Het grensverleggende duo Piek & Bokhorst, verrasten bezoekers met een kameleonact, waarin zij hun decor van recyclebaar materiaal continue omtoveren in een nieuw kleurbeeld. Nu de naam van de Modefabriek definitief is vastgelegd in het Nederlandse modelandschap, lijkt internationalisering de enige mogelijkheid om de groeispurt van de afgelopen tijd te kunnen voortzettten. Met het aanbod is de beurs al goed op weg. Het aanbod buitenlandse labels is groeiende. En ook probeert de beurs zich steeds meer te ontwikkelen in het topsegment. Het luxueuze Glam & Glowsegment is deze keer uitgebreid met 37 nieuwe merken, waaronder het Scandinavische Rand Jeans, Decoy en Vasuma, het Belgische Natan Edition 5 en uit Frankrijk Jean's Paul Gaultier en Maje. Aan de andere kant werd een aantal merken, waaronder Jackpot van IC Companies, verplaatst naar een andere beurs; Showroom. Een beurs die de Modefabriek opzette voor het middensegment. Hoewel dit niet bij iedereen in goede aarde valt -merken die opereren in het grensgebied zien hun mogelijke overplaatsing naar Showroom niet zitten- is met het oog op internationale groei een noodzakelijke zet. Toch is internationalisering niet waar de Modefabriek zich in eerste instantie op wil richten, zegt Annelies Tjassens: "Voor ons is het belangrijker om onze huidige bezoekers vast te houden. Daarom proberen we steeds vernieuwend te zijn en voorop te lopen." Toch werkt de beurs wel aan buitenlandse naamsbekendheid, onder meer met advertenties in toonaangevende vakbladen als Women's Wear Daily. Het aantal buitenlandse bezoekers -dit jaar 17 procent- is dan ook stijgende. In het buitenland is de Modefabriek echter nog geen begrip, zegt de Duitse Sabine Zodt, die werkt op de afdeling sales bij Marc O'Polo: "Ik had zelf nog nooit eerder van de Modefabriek gehoord, maar het is een leuke beurs." Katya Jaud, manager bij Desigual uit Barcelona ziet wel internationale mogelijkheden voor de Modefabriek. Haar merk is al sinds een aantal seizoenen aanwezig op de beurs: "Eigenlijk is dit in West Europa momenteel de enige beurs met internationaal potentieel," zo zegt ze. "Nu Bread & Butter Berlijn is weggevallen, zou de beurs zijn kans op dat vlak moeten grijpen." |


