Vietnam verliest APS-voordeel
Vietnam is door de Europese Commissie van de APS-lijst verwijderd. Het Algemeen Preferentieel Stelsel (APS) is een stimuleringsmaatregel voor ontwikkelingslanden die opereren met aandacht voor arbeidsrechten en milieu. Een belangrijk voordeel van deze regel is een korting op het douanerecht van 3,5 procent.
De reden van het schrappen van Vietnam voor de regeling is dat de export van Vietnamese schoenen naar de EU is gedaald. Volgens de APS-regels zouden schoenen meer dan de helft van de totale export van Vietnam naar de EU moeten vormen, maar daaraan voldoet het land volgens de commissie niet meer. Door de eerdere antidumpingsmaatregelen van de EU tegen onder meer Chinese en Vietnamese schoenen, is de Vietnamese schoenenexport namelijk fors afgenomen.
26 juni 2008
Europees kleermakerscongres in Maastricht
“De bedoeling van het congres is de promotie van de Nederlandse kleermaker,” zegt voorzitter van de Bond voor Kleermakers, John Coenen over het congres dat deze week plaats vindt in Maastricht. “En vakkennis weer nieuw leven in te blazen.”
De afgelopen jaren waren moeilijk voor de ambachtelijke kleermaker. De belangstelling nam af doordat kleding massaal en uniform werd door industrialisering en uitbesteding naar lage loonlanden. Maar dat lijkt verleden tijd. Volgens de bond is er steeds meer behoefte aan individualiteit en stijgt daarmee de vraag naar passende en goed zittende kleding. Hierdoor groeit de behoefte aan kleermakers, ook bij ontwerpers en grote modemerken die hun monstercollecties steeds vaker in Nederland laten vervaardigen. “De vraag naar eigen kleding stijgt,” zegt Coenen. “Men wil zich profileren, mede door het dragen van kleding die niet in de winkel te koop is.”
Op het congres is aandacht en ruimte voor netwerken en het uitwisselen van vakkennis. “En voor het ontmoeten van mensen die op een gelijkwaardige manier het vak verstaan, zodat we kunnen zien dat het vak blijft leven,” voegt Coenen toe. Middels workshops worden de professionals op de hoogte gehouden van nieuwe technieken, zoals de ultrasone snijder en lasser van Pfaff. “Een naaimachine zonder naald en draad,” legt Coenen uit. Maar ook lezingen en modeshows behoren tot het programma.
Behalve voor een uitwisseling van vakkennis strijdt de bond voor een eenduidige landelijk modevakdiploma, zodat kennis kan blijven voortbestaan. Coenen, die zelf les geeft, vindt dat scholen de ambachtelijke kant van het vak te basaal behandelen. “Het creatieve van mode-ontwerpen heeft de overhand. Wij willen de liefde overbrengen van mooi gemaakt dingen”, zegt Coenen. Academies zijn er volgens Coenen niet op gebrand kleermakers af te leveren. Als het even meezit krijgen we er dus binnenkort een modevakdiploma bij, want ook het Ministerie van Economische Zaken ziet kansen. Ze wil Nederland als modeland profileren en de creatieve beroepen in Nederland stimuleren.
Voor de eerste keer sinds het bestaan van het European Master Tailor Congress wordt het gehouden in Nederland. Van 22 tot en met 24 mei is het Grand Hotel l'Empereur in Maastricht het decor voor kleermakers uit Nederland, Oostenrijk, Zwitserland, Duitsland en Italië. Waar er eigenlijk plek was voor honderd belangstellenden uit de deelnemende landen, komen er honderdvijftig. Coenen: “Dat is dus fors extra.” Daarmee is het evenement vol en kunnen er helaas geen nieuwe bezoekers aangemeld worden.
www.bondvankleermakers.nl
20 mei 2008
Europarlement wil importbeperking langer handhaven
Dat januari nadert, is voor de Europese modebranche niet alleen reden om het glas te heffen. Het jaar 2008 is namelijk het moment waarop de importquota worden opgeheven die de Europese Unie sinds 2005 voert. Verwacht wordt dat de hoeveelheid kleding die wordt geïmporteerd vanuit landen als China en India aanzienlijk zal groeien. Europarlementariërs vroegen de EU afgelopen week om actie.
Europarlementariërs hebben een resolutie ingediend om hun zorgen over het opheffen van de invoerquota te uiten en de EU te vragen om extra maatregelen. De parlementariërs zijn van mening dat de toegang tot de markt in landen als China, Brazilië en India moet verbeteren, zo was te lezen in de resolutie. Ook moet de Europese Commissie onderhandelen over nieuwe maatregelen om de markt te beschermen.
Het CBS heeft berekend dat Nederland gedurende de eerste vijf maanden van dit jaar voor €618 miljoen aan kleding heeft ingevoerd vanuit China. Dit is nog geen kwart van de totale invoer. De verwachting is dat dit percentage fors toe zal nemen met het afschaffen van de importheffingen, zoals in 2005 is gebeurd. Officieel stammen de afspraken over importheffingen uit 2001, toen ze waren vastgelegd in de ATC (Agreement for Textiles and Clothing). Deze liepen af met ingang van 2005, waarmee de wereldhandel vrijkwam. Het gevolg was voor Nederland dat de import al in de eerste helft van dat jaar met ruim 46 procent steeg, waarna er nieuwe afspraken zijn gemaakt om de gevolgen te beperken. Om een herhaling van deze situatie te voorkomen, zijn vertegenwoordigers van de Europese Unie en China eerder dit jaar overeen gekomen dat de invoer ook na 2007 nog gedeeltelijk zal worden beperkt. Voor acht van de tien textielcategoriëen, waaronder T-shirts, broeken, truien, jurken en beha's moeten producenten in China dan exportlicenties aanvragen en die vervolgens om laten zetten in invoervergunningen in het land van bestemming. Op deze manier kan de goederenstroom voorlopig nog één jaar in de gaten worden gehouden.
De parlementariërs vroegen in hun resolutie om deze maatregelen te verlengen tot in 2009. Ondertussen willen de parlementariërs dat de Europese Unie actief aan de slag gaat om de textielindustrie in de EU te moderniseren om de concurrentie vanuit China aan te kunnen. Daarvoor moeten bijvoorbeeld subsidies beschikbaar komen om innovaties, onderzoek en ontwikkeling te stimuleren.
Verder zijn er afspraken gemaakt met individuele landen. Deze week sloot de EU een handelsverdrag met Belarus (Wit Rusland) waarin is vastgelegd dat de invoer vanuit dat land in 2008 maar beperkt mag stijgen. Als reden daarvoor voerde de EU aan dat in dat land mensenrechten worden geschonden. Alle maatregelen in ogenschouw genomen, is het nog niet helemaal duidelijk wanneer de wereldmarkt echt vrij toegankelijk wordt. Als het echter aan de Europarlementariërs ligt, wordt die datum zo lang mogelijk uitgesteld.
18 december 2007
ingezonden mededeling
‘Made-in’label: Overbodig, Gecompliceerd, Duur
De 27 lidstaten van de EU buigen zich momenteel over het voorstel van de Europse Commissie voor de invoering van een verplicht ‘Made-in’ label. Dit label zou alleen gaan gelden voor een beperkt aantal goederen zoals textiel, kleding, schoenen, leer, meubels etc. Dit roept vragen op over de werkelijke motivatie achter dit voorstel.
Het zogenoemde ‘Made-in’ voorstel is overbodig, gecompliceerd en duur voor bedrijven, consumenten en lidstaten. AEDT directeur Betty van Arenthals zegt hierover: “Europese bedrijven, met name het MKB, hebben schoon genoeg van EU maatregelen die wel extra papierwerk opleveren, maar niet hun concurrentiepositie verbeteren. Het voorgestelde ‘Made-in’ label is bovendien volstrekt in tegenspraak met de doelstellingen van de afspraken die in Lissabon zijn gemaakt met betrekking tot vereenvoudiging en reductie van administratieve lasten.”
FENA directeur Denis Heylen benadrukt: “bij mondiale productieketens vinden verschillende stadia van het productieproces vaak in een aantal verschillende landen plaats. Het zou daarom misleidend zijn om slecht één land van herkomst te registreren.” Hij voegde daaraan toe dat het ‘Made-in’ label niets zegt over de werkomstandigheden van de betrokken arbeiders noch over de veiligheid van het product en dat deze argumenten slechts gebruikt worden om de “ware protectionistische bedoelingen van dit voorstel te verbergen”.
AEDT en FENA hopen dat alle EU lidstaten:
6 december 2007
www.aedt.org
Bekendheid Europees ecolabel blijft achter
Hoewel groen ondernemen wint aan populariteit, blijft de bekendheid van keurmerken achter. Het Europese Ecolabel, bijgenaamd de Bloem, dat als enige milieukeurmerk opereert buiten landsgrenzen, is slechts bij tien procent van de Nederlandse consumenten bekend. Dat blijkt uit onderzoek van de Stichting Milieukeurmerk. Nederlandse organisaties hebben hun weg naar het label evenmin kunnen vinden; er zijn vooralsnog geen Nederlandse modebedrijven bij het label aangesloten.
In Nederland is een beperkt aantal producten met het keurmerk te koop. De moederbedrijven zijn dan meestal van Italiaanse of Scandinavische komaf. Een voorbeeld is het Deense Bestseller, dat onlangs met het merk Name It het Europese ecolabel verwierf. “We hebben voor de Bloem gekozen omdat we onze klanten willen laten zien dat Bestseller zich bezighoudt met milieu,” zegt Svenja Roos, van de PR-afdeling van Bestseller. Het was voor het bedrijf logisch om voor de Bloem te kiezen. “Bestseller een Europees opererend bedrijf is en de Bloem het enige keurmerk dat Europees opereert,” legt ze uit.
Een van de mogelijke oorzaken is dat het Europees ecolabel het moet opnemen tegen andere labels in binnen- en buitenland.Allereerst is er in Nederland Made by, dat zich naast eerlijke handel ook steeds meer richt op milieuvriendelijke productie. Deze organisatie weet zich met ludieke acties als het aannaaien van blauwe knoopjes bij consumenten goed onder de aandacht te brengen. Ook bij bedrijven sorteert dat effect; Made By heeft inmiddels al twintig merken aan zich weten te binden. Verder zijn er in het buitenland meerdere keurmerken. Zo wordt in Scandinavië gebruik gemaakt van de ‘Scandinavische Zwaan', en in Frankrijk duikt het symbool van NF Environnement op bij milieuvriendelijke producten.
In Nederland wordt ecolabel de Bloem vertegenwoordigd door de stichting milieukeurmerk. Communicatie-adviseur Wim Uljee kent nog een andere oorzaak voor de achterblijvende bekendheid. “Er is een gering budget voor promotie beschikbaar.”
Het ecolabel controleert de deelnemende bedrijven behalve op de verplichte wettelijke maatregelen ook op aanvullende normen voor bijvoorbeeld het gebruik van chemische producten door krappere limieten te stellen en sommige chemicaliën volledig verbieden. Voor bedrijven kunnen de kosten die het met zich meebrengt een obstakel vormen om zich aan het keurmerk te verbinden. De prijs voor het Europees Ecolabel bestaat uit eenmalige aanvraagkosten van €500 per productgroep, keuringskosten -waarvan de hoogte afhangt van het soort product en de gevraagde testmethoden- en een jaarlijkse bijdrage van 0,15 procent van de omzet van het gecertificeerde product.
www.europeesecolabel.nl
www.bestseller.com
29 mei 2007
Europeanen kooplustiger
Inwoners van de Europese Unie hebben in april de portemonnee vaker opengetrokken in de winkels, terwijl ze in de eerste drie maanden nog zeer voorzichtig waren. De winkelverkopen in de EU groeiden met 1,1 procent ten opzichte van de maand maart. In de vorige maanden stagneerden die rond de 0 procent. Sterk herstel was te zien in Duitsland (+2,8 procent), Polen (2,5 procent) en Slovenië (4,4 procent). Vergeleken met vorig jaar is het volume van de winkelverkopen in de EU nu 3,8 procent hoger. De toename is voorlopig echter vooral te merken in winkels voor huishoudelijke artikelen en medische zaken. (Bron: ANP)
8 juni 2006
Mandelson pleit voor open Europese markt
EU Commissaris van Handel Peter Mandelson heeft tijdens een symposium over de toegankelijkheid van de markt afgelopen maandag in Brussel, een lans gebroken voor een open Europese markt. In een toespraak met de titel ‘Open markets, open trade: Europe's global challenge' zei Mandelson onder meer dat de Europese markt alleen overeind zal blijven wanneer men erin slaagt het marktbeleid ‘open' te houden. “Open voor nieuwe markten en open voor mogelijkheden om nieuwe gebieden aan te boren waarmee onze ontwerpers, investeerders en ondernemers handel kunnen drijven.”
De Commissaris vindt dat de EU de exportstrategie van landen buiten Europa moet beantwoorden door de gegroeide import te accepteren en de tariefgrenzen ingrijpend te verlagen. Mandelson heeft opnieuw gepleit voor een vrije markt economie toegankelijk is voor internationale handel. Dit is volgens hem de enige manier waarop Europa van de globalisering van de economie profijt zal kunnen hebben.
Mandelson bestrijdt de claim dat een open Europese markt sociale ongelijkheid en oneerlijke concurrentie in de hand werkt. Hij beargumenteert dat een liberaal economisch beleid hand-in-hand moet gaan met modern sociaal beleid dat de ongelijkheid tegengaat die met de globalisering wordt geassocieerd. Degenen die van de nieuwe marktstrategie te lijden hebben, dienen steun te krijgen en te worden aangemoedigd om nieuwe vaardigheden aan te leren en andere handelstrajecten te zoeken.
Voor de volledige tekst klik: http://www.fibre2fashion.com/news/images/newspdf/Open%20markets_70556.pdf
20 september 2005
Import blouses geblokkeerd
EU blokkeert de import blouses die in China zijn gemaakt. De invoer van de kledingstukken is zo massaal dat de Europese limiet nu ook voor dit product is bereikt. Eerder werden de limieten voor broeken en truien al bereikt. De blokkade betekent dat de EU voorlopig geen importvergunningen afgeeft voor deze producten. Het gevolg is dat enorme partijen textiel in pakhuizen blijven liggen.
De maatregelen zijn omstreden. Gevreesd wordt dat het aanbod van winterkleding dit najaar minimaal zal zijn. De nieuwe limieten zijn in juni afgesproken met China in een poging de Europese industrie te beschermen. De Europese Commissie heeft ook laten weten dat grens voor beha's, T-shirts en linnen ook zeer binnenkort worden bereikt.
19 augustus 2005
Brussel: “Partijen mogen wél binnen”
Europese importeurs hebben het mede aan zichzelf te wijten dat partijen truien en broeken uit China worden tegengehouden. Dat zei eurocommissaris Peter Mandelson (Handel) woensdag in de Volkskrant. Volgens de eurocommissaris hebben de leveranciers nog snel grote bestellingen gedaan nadat de EU en China in juni besloten tot importbeperkingen.
Brussel zegt dat scheepsladingen die dateren van voor 11 juli toch de EU in mogen, maar volgens sommige leveranciers worden ook die partijen tegengehouden. De krant schrijft dat pas in september zal worden beoordeeld wat er moet gebeuren met partijen die daadwerkelijk de quota overschrijden. “Wel hoopt Mandelson dat er in de tussentijd enige ‘flexibiliteit' mogelijk is om de tegengehouden truien en broeken de EU binnen te laten.”
Vorige maand werden onder druk van Zuid-Europese textielproducenten opnieuw importquota ingesteld voor textielproducten uit China. Landen als Italië, Portugal en Frankrijk vonden de beschermingsmaatregelen nodig om de eigen textielsector te beschermen, nadat in per 1 januari 2005 de handel was vrijgegeven. Groot-Brittannië, Duitsland, Zweden en Nederland zijn kritisch over de nieuwe beperkingen. Zij waarschuwden al in april dat Europese winkelketens eronder zouden lijden. (Bron: De Volkskrant)
10 augustus 2005
Europese consumenten voorzichtig
Een meerderheid van de Europese consumenten is pessimistisch over de economische
toekomst. Wereldwijd blijk de Aziatische consument het meest optimistisch te
zijn. Dit blijkt uit online onderzoek van ACNielsen naar consumentenvertrouwen.
De positieve stemming in Azië wordt gevoed door de opkomst van consumentenmarkten
in China en India, momenteel de twee grootste en snelst groeiende markten ter
wereld. In Europa daarentegen hebben bijvoorbeeld de Franse, Duitse en Italiaanse
economie te maken met negatieve (of minimale) groei, groeiende werkloosheid
en politieke onzekerheid.
Op sociaal en economisch vlak ontwikkelen China en India zich in een razend tempo. De economische groei ligt op ca. acht procent per jaar. Daarmee groeit ook de koopkracht gestaag. Europese consumenten vormen daarmee een schril contrast. Zij vragen zich af of het mogelijk nog slechter kan gaan met de economie van hun land, en velen van hen zien geen tekenen van herstel. In Frankrijk, Italië, Spanje en Duitsland zag de consument de afgelopen zes maanden zelfs een verslechtering van de situatie. In Noorwegen, Denemarken en Polen zagen consumenten als enigen in Europa een duidelijke economische verbetering.
Desondanks zijn de verwachtingen iets positiever dan in 2004. Meer mensen (38 procent) denken dat de economie het komende jaar zal aantrekken, en veel minder mensen verwachten een verslechtering van de economie (30 procent, versus 48 procent vorig jaar). Wereldwijd zijn de Indiërs, de Chinezen en de bevolking van Hong Kong het meest optimistisch. Van hen gaf 80 procent aan dat zij de economie hadden zien verbeteren in de afgelopen zes maanden en dat volgens hen een nog stralender toekomst wacht.
In Europa vinden we de gelukkigste consument met het meeste vertrouwen in Ierland. Het land heeft de afgelopen jaren een gezonde en duurzame economische groei laten zien. In Noord Amerika, waar de economie sterker dan verwacht met 3,6 procent groeide in het eerste kwartaal, gaf de helft van de respondenten aan dat hun vooruitzichten op de banenmarkt 'goed' zijn voor de komende 12 maanden.
Opvallend is dat wereldwijd consumenten het ver twee dingen eens zijn. De helft van de consumenten omschrijft hun huidige en toekomstige financiële situatie als 'goed', maar geven ook aan dat het nu niet het moment is om grote aankopen te doen. Zelfs in de sterk opkomende economieën van China en India is de gemiddelde consument spaarzaam.
In Nederland is de situatie niet veel anders: bijna de helft van de Nederlandse respondenten heeft aangegeven dat zijn persoonlijke financiële situatie 'goed' is, maar bijna driekwart meent dat het nu geen goede tijd is om geld uit te geven. (Bron: Marketingonline)
16 juni 2005
Nederlander denkt nog in guldens
Nederlanders zijn nog steeds niet gewend aan de euro. Bij aankopen rekent 68%
van de Nederlanders prijzen nog om in guldens. Slechts 14% kijkt alleen naar
het bedrag in euro's.
Dat blijkt uit het Eurobarometeronderzoek, gehouden onder circa duizend inwoners
per EU-lidstaat.
Nederlanders houden daarmee meer vast aan hun oude munt dan andere Europeanen.
Van alle inwoners van de twaalf eurolanden denkt 54% nog in de oude nationale
valuta. Slechts 16% van alle eurogebruikers rekent de prijzen niet meer om.
15 december 2003
EU pakt handel in nagemaakte merkartikelen aan
De Europese Commissie gaat de handel in nagemaakte merkartikelen aanpakken. Europees Commissaris Bolkestein van Interne Markt heeft hiertoe maatregelen afgekondigd op verschillende gebieden. In de eerste plaats moet positie van de benadeelde eigenaars en patenthouders van de nagemaakte merken worden verbeterd. Daarnaast wil Bolkestein dat de juridische bescherming van merken duidelijker wordt geformuleerd. Ook moeten douaneautoriteiten meer op eigen initiatief kunnen handelen bij vermoedelijk vervalsingen of piraterij.
Door de nepartikelen loopt de Europese economie naar schatting ruim 2 miljard
euro mis en ziet het ook nog eens honderdduizenden banen verdwijnen. "Daarnaast
vormt deze handel een enorme belemmering voor de innovatie en creativiteit van
de Europese ondernemers", aldus Bolkestein in De Telegraaf. De Europees
commissaris schat het aandeel van de vervalste en nagemaakte producten in de
commerciële wereldhandel inmiddels op 5 tot 7%. Tussen 1998 en 2001 bedroeg
de groei maar liefst 900%.
<De Telegraaf>
25 juli 2003