Rechtspraak. Het auteursrecht en de maker

dinsdag 12 november 2013

Isabel Marant heeft een collectie ontworpen voor H&M. Op 14 november aanstaande zullen de collectie-items in de filialen van de H&M te koop worden aangeboden. Hiermee treedt Isabel Marant in de voetsporen van de eveneens uiterst succesvolle modeontwerpers Karl Lagerfeld, Viktor & Rolf en Lanvin waarmee H&M in het verleden heeft samengewerkt. Fashionista’s kunnen niet wachten tot de deuren de 14e open gaan. Hoe zit het nu met het auteursrecht en het makerschap van deze aansprekende en (nu al) uiterst populaire collectie?

Verbodsrecht
Uitgangspunt is dat het auteursrecht de maker van het mode-item exclusieve rechten geeft. Het auteursrecht verschaft de maker als het ware een monopolie: een verbod op het gebruik door derden.

Maker
Wie is nu de maker die dit verbodsrecht toekomt: de coupeuse van de collectie, H&M in wiens opdracht de collectie is ontworpen en daarvoor heeft betaald of Isabel Marant zelf? Onder de maker van een mode-item wordt degene verstaan wiens creativiteit in het ontwerp is terug te vinden. Het gaat dus om de ‘geestelijke schepper’ van het mode-item en niet om de coupeuse of fabrieksmedewerker die de machine bedient. In dit geval is het duidelijk dat Isabel Marant het zelfstandige creatieve brein achter de collectie is. Zo wordt het ook door H&M in de media gecommuniceerd.

H&M wordt overigens wel als maker aangemerkt ten aanzien van mode-items in haar winkel die door de ontwerpers zijn ontworpen die bij haar in dienst zijn. Met freelancers die voor H&M ontwerpen komt het makerschap - zonder andersluidende afspraken - echter weer niet aan H&M toe.

Voorkom discussie! Niet altijd bestaat duidelijkheid. Hoe zit het bijvoorbeeld als een inkoper van een grote winkelketen slechts minimale (ontwerp)specificaties doorgeeft aan een textielfabriek, of deze inkoper uit de rekken van een textielfabriek mode-items uitkiest en hier en daar vraagt om wat veranderingen aan te brengen?

Afhankelijk van wiens persoonlijk stempel het mode-item draagt (d.w.z. wie de creatieve keuzes heeft gemaakt) kan het auteursrecht toekomen aan de winkelketen of de textielfabriek. Het mode-item dient dan wel een eigen en oorspronkelijk karakter te hebben (d.w.z. niet ontleend zijn aan het werk van een ander). Ook kan er sprake zijn van een gemeenschappelijk auteursrecht op het mode-item.
Deze uitkomst heeft dan weer gevolgen voor het antwoord op de vraag of het betreffende mode-item door de textielfabrikant mag worden doorverkocht aan een concurrent of dat de betreffende winkelketen bijvoorbeeld kan worden belet om een herhaalorder te plaatsen. Om discussies over de rechten te vermijden, verdient het altijd de voorkeur om schriftelijk en duidelijk vast te leggen wie de auteursrechten op de mode-items toekomen.

Suzan Houben-van Geldorp is advocaat bij Köster advocaten in Haarlem bij de Praktijkgroep Intellectueel Eigendomsrecht