Made in UK: de beschermers van Brits leer

dinsdag 18 februari 2014

Peultjes uit Zuid-Afrika hebben afgedaan, consumenten willen sperziebonen uit de polder. En kinderen moeten weer leren dat melk van een koe komt en niet uit de supermarkt. De slow, veggie en health food trend is synoniem geworden met lokaal en dichtbij. Nu is de modesector aan de beurt. Maar hebben we daar eigenlijk de kennis en technische mogelijkheden wel voor? Kunnen we in Europa spijkerbroeken fabriceren, tassen en schoenen maken, truien breien? En waar dan? In deze nieuwe serie onderzoekt FashionUnited de productiemogelijkheden in zes Europese landen: Spanje, Groot BrittaniŽ, Nederland, Duitsland, ItaliŽ en Frankrijk, op zoek naar duidelijkheid omtrent kledingfabricage in onze 'achtertuin'.

Gemiddeld draagt een consument op elk willekeurig moment minstens vier items van leer: schoenen, riem, portemonnee en horlogebandje. De productie van lederwaren in Groot BrittanniŽ is dankzij de expertise van producenten, technisch specialisten en opleidingen en trainingsfaciliteiten in Northampton, Walsall en Somerset een belangrijk onderdeel van de mondiale leerindustrie. De Britse leerindustrie produceert een uiteenlopende reeks leerproducten voor een aantal sectoren, waaronder de modebranche. Volgens de Britse Leer Federatie genereert de leerindustrie in Groot BrittanniŽ een geschatte jaaromzet van 195 miljoen pond (236 miljoen euro).

Leer was ooit een van de top drie sectoren in Groot BrittanniŽ

Ondanks de zeer hoge kwaliteit van productie in Groot BrittanniŽ is deze de afgelopen decennia tanende. Wat ooit als een van de top drie industrieŽn in het land werd beschouwd is grotendeels verdwenen als gevolg van de export van bijna 90 procent van de productie door de traditionele looierijen en de investering in buitenlandse productiefaciliteiten in Afrika en AziŽ. Het in Yeovil gevestigde Pittards PLC, een luxe leerfabrikant die HermŤs tot zijn klanten rekent, heeft vier fabrieken in EthiopiŽ die samen goed zijn voor een jaaromzet van 39 miljoen pond en per maand meer dan 600 duizend vierkante meter kwaliteits schapenleer produceren.

Tegenwoordig zijn er nog dertien bedrijven in Groot BrittanniŽ die als leergilde doorgaan en dertig verschillende looierijen en producenten in het land, zegt Michael Redwood, professor in Leer aan de universiteit van Northampton. Maar dankzij een aantal Britse merken, zoals de Cambridge Satchel Company, Globetrotter, Mulberry en Dr. Martens, en de inspanningen van de Made in Britain campagne en de Northampton University Institute for Creative Leather Technologies, leeft de leerindustrie in Groot BrittanniŽ voort.

Michael Pearson, voormalige directeur van Pearce Leathers en trustee van het Northampton Museum of Leathercraft, heeft altijd "een grote voorliefde voor de leerindustrie" gehad. Nadat de befaamde W. Pearce & Co. looierij, bekend om zijn kwalitatief hoogwaardig leer in reliŽf, in 2002 voorgoed de deuren sloot, is Pearson, de kleinzoon van de oorspronkelijke oprichter, nog altijd fervent voorstander van de leerindustrie. Hij schrijft de afname van de lokale leerhandel toe aan het verlies van lokale clientŤle, die tegenwoordig kiest voor goedkopere lederwaren uit het Verre Oosten.

Pearson gelooft ook dat het teruglopen van de lokale leerbedrijven en looierijen niet alleen veroorzaakt wordt door competitie van buitenlandse faciliteiten en goedkopere importproducten, maar ook door de potentiŽle opbrengsten uit de verkoop van productieactiva en vastgoed; de traditionele leerbedrijven hebben immers vaak hun hoofdkantoren op A-locaties in grote steden. Hij vindt dat de Britse leerindustrie zich moet concentreren op de toegevoegde waarde van deze sector door de export van huiden te verminderen en te beperken tot verwerking in de eigen productie.

Anderzijds vindt Kate Hill, oprichter van 'Make it British', dat de productie van lederwaren 'nog steeds een vrij arbeidsintensief proces is', waardoor veel leerbedrijven hun productiefaciliteiten in de jaren tachtig naar het buitenland verplaatsten. Zij merkt op dat hoewel de massaproductie van lederwaren in Groot BrittanniŽ waarschijnlijk nooit in ere zal worden hersteld, het bedrijven als de Cambridge Satchel Company (CSC) en Mulberry wel is gelukt "waarde toe te voegen aan hun producten".

"Ze doen het beide erg goed in de exportmarkten omdat ze hun Britse aard goed benutten. Ze hebben allebei ook zeer moderne en efficiŽnte fabrieken, terwijl sommige leerproducenten hier ietwat ouderwets zijn in hun benadering," aldus Hills. De CSC opende afgelopen zomer een nieuwe fabriek om de toenemende vraag te kunnen bijbenen en de productie van 1.000 met de hand gemaakte tassen te kunnen verdubbelen. Mulberry heeft momenteel twee fabrieken in Somerset. The Rookery heeft zeven productielijnen die 1,100 tassen per week produceren, terwijl de onlangs geopende Willows fabriek tien productielijnen opereert. Het luxemerk produceert echter ook in een aantal leerfabrieken in het buitenland; de herentassen worden in Turkije geproduceerd en kleine lederwaren in China.

Groot BrittanniŽ telt onvoldoende leerfabrikanten

Hills zegt dat er momenteel niet genoeg leerfabrikanten in Groot BrittanniŽ zijn om te voldoen aan de vraag van de niche internationale markten die daar leer willen produceren; "daarom heeft CSC zijn eigen faciliteit geopend". Pearson, wiens familiebedrijf als een van de eersten leer leverde aan Mulberry, zegt dat de leerbedrijven die het in Groot BrittanniŽ goed lijken te doen vaak in de nichemarkten werkzaam zijn en kleinere familiebedrijven zijn.

"De leerindustrie in Groot BrittanniŽ wordt het beste gediend door kleinere familiebedrijven," aldus Pearson. Na ruim veertig jaar in de leerindustrie te hebben gewerkt, gelooft hij dat de industrie cyclisch werkt, net zoals de landbouw, en dat de sector - om te kunnen overleven - zich zou moeten concentreren op het gebruik van leer in de modebranche. Pearson heeft de voorzetting van de familiehandel weten te garanderen door zijn liefde voor leer door te geven aan zijn dochter Deborah Thomas, die het historische merk Doe Leather aanstuurt. Het merk produceert exclusieve handgemaakte tassen van stug koeienleer met ritssluitingen voorzien van prints uit het archief van W. Pearce & Co.

"Ik geloof heilig in de Britse leerindustrie. Omdat het veelzijdig is, denk ik dat het zal voortbestaan in niche en modemarkten, omdat leer zich kan aanpassen," concludeert Pearson.

Foto: Cambridge Satchel Company