Slachtoffers Bangladesh wachten op compensatie

vrijdag 25 oktober 2013

In april 2013 zeiden moderetailers 'dit nooit meer', na het instorten van de Bengaalse fabriek Rana Plaza waar bijna 1200 medewerkers om het leven kwamen. Toch zijn volgens de Schone Kleren Campagne sindsdien zestien fabrieksarbeiders omgekomen in branden. Samen met het International Labor Rights Forum (ILRF) heeft de Schone Kleren Campagne het rapport 'Still Waiting' gepubliceerd over de stand van zaken, een half jaar na de ramp.

Volgens de organisatie die zich inzet voor betere arbeidsomstandigheden in de mode-industrie, is er vooruitgang geboekt sinds april dit jaar, maar niet genoeg. Zo negeren nog steeds modemerken de compensatieregeling die het Rana Plaza Compensatie Coördinatie Comité - waarvan inkopers, de Bengaalse overheid, werkgeversorganisatie BGMEA, lokale en internationale vakbonden en NGO's deel uitmaken - aan het opzetten is voor de nabestaanden en slachtoffers.

Primark en Loblaw hebben beide toegezegd op korte termijn een bedrag aan de nabestaanden te geven. Primark heeft bovendien toegezegd hulp te bieden bij de distributie van de gelden naar de getroffen families. Samen met Benetton en El Corte Inglés nemen Primark en Loblaw deel aan het Coördinatie Comité. Inditex, Bon Marche en Mascot willen bijdragen aan het fonds dat onder de compensatie regeling wordt opgezet.

Een aantal merken, waaronder C&A, Mango en JC Penney heeft tot nu toe echter geweigerd om mee te doen met de compensatieregeling. De Schone Kleren Campagne schat minstens 71 miljoen dollar (54 miljoen euro) nodig te hebben om de getroffen families een schadevergoeding te kunnen aanbieden. “Zes maanden na het Rana Plaza tragedie wachten de families die hun dierbaren verloren nog steeds op compensatie. Nu betalen de gewonde arbeiders de prijs voor de nalatigheid van werkgevers, inkopers en overheid," zegt Christa de Bruin van de Schone Kleren Campagne. "Het is de hoogste tijd dat alle merken die gelinkt zijn met Rana Plaza hun financiële verantwoordelijkheid nemen."

De Schone Kleren Campagne strijdt voor leefbaar loon voor textielarbeiders

Het officiële dodental van de ramp in Dhaka ligt op 1132 werknemers, 1650 medewerkers zijn in het ziekenhuis opgenomen. 80 procent van de overlevenden zijn vrouwen. Zij hebben volgens de Schone Kleren Campagne weinig kans om werk te vinden buiten de industrie. Ze zijn te getraumatiseerd om terug te keren, of kunnen dit niet door medische behandelingen. Door hun lage lonen zijn ze nooit in de gelegenheid geweest om geld te sparen.

De Schone Kleren Campagne is een actie gestart om kledingmerken te overtuigen om arbeiders een leefbaar loon te betalen. In Bangladesh, waar zo’n 4 miljoen mensen in de kledingindustrie werken, is het minimumloon momenteel 28,60 euro (3,000 taka) per maand. Volgens Schone Kleren Campagne’s Aziatische partner Asia Floor Wage Alliance komt een leefbaar loon neer op 259,80 euro (25,369 taka) per maand. Dit is 89 procent meer dan wat de kledingarbeiders nu verdienen.